Company logo
BedieningshandleidingZoekenInhoudsopgaveHome
 
 
Hoe te handelen bij foutmeldingen
 
Tekst van de foutmelding
Mogelijke oorzaak
Zo verhelpt u het probleem
Let op! Het geheugen kon niet geïnitialiseerd worden. Als het probleem niet opgelost is na het herstarten, dient u contact op te nemen met de serviceafdeling.
De databank kon niet worden aangemaakt op de gegevensdrager.
Terminal opnieuw opstarten.
Het actieve profiel kan niet worden verwijderd!
Er werd geprobeerd het actueel gekozen machineprofiel te wissen.
Een ander machineprofiel kiezen en dan het gewenste machineprofiel wissen.
Dgps-configuratiebestand niet gevonden!
Het interne bestand met dgps-instellingen kon niet worden gevonden.
Contact opnemen met de serviceafdeling, opdat de software opnieuw kan worden geïnstalleerd.
De testfase is afgelopen. Informeer uw leverancier.
De testfase is afgelopen.
Licentie aanvragen.
Software vrijschakelen.
Fout!
 
Met de klantenservice contact opnemen.
Gps-signaal is uitgevallen!
Seriële verbinding met de gps-ontvanger is verbroken.
Er kunnen geen posities meer worden bepaald.
Kabelverbindingen met de gps-ontvanger controleren en opnieuw verbinden.
Gps-signaal te slecht!
De kwaliteit van het gps-signaal is te slecht, meestal door schaduw.
Montage van de gps-ontvanger en actuele positie testen. De ontvanger moet vrij zicht op de hemel hebben.
Geen dgps beschikbaar!
Er is geen dgps beschikbaar omdat de ontvanger wordt geschaduwd.
Montage van de gps-ontvanger en actuele positie testen. De ontvanger moet vrij zicht op de hemel hebben.
Er is geen dgps beschikbaar omdat de correctiegegevensdienst, bijv. EGNOS, is uitgevallen.
Algemene beschikbaarheid van de dienst controleren. Bij EGNOS/WAAS de juiste correctiesatelliet controleren en instellen.
Kon dgps-configuratie van de gps-ontvanger niet uitlezen!
Seriële verbinding met de gps-ontvanger is verbroken.
Kabelverbindingen met de gps-ontvanger controleren en opnieuw verbinden.
Kon e-Dif-configuratie van de gps-ontvanger niet uitlezen!
Seriële verbinding met de gps-ontvanger is verbroken.
Kabelverbindingen met de gps-ontvanger controleren en opnieuw verbinden.
Back-up mislukt!
De gegevensdrager is er voor of tijdens het opslaan uitgetrokken.
Gegevensdrager opnieuw plaatsen en opnieuw proberen op te slaan.
Er kan niet naar de gegevensdrager worden geschreven.
Schrijfbeveiliging van de gegevensdrager verwijderen.
Gegevensdrager is vol of beschadigd.
Niet-benodigde gegevens van de gegevensdrager wissen en opnieuw proberen.
Foute status!
 
Met de klantenservice contact opnemen.
Er zijn geen secties herkend!
In de ISOBUS-jobcomputer zijn geen secties geconfigureerd. Of de aangesloten ISOBUS-jobcomputer ondersteunt geen SECTION-Control.
Configureer indien mogelijk de secties in de jobcomputer. Als de jobcomputer SECTION-Control niet ondersteunt, kunt u het niet gebruiken.
Het apparaat heeft geen werkbreedte!
In de ISOBUS-jobcomputer is de werkbreedte of de geometrie niet geconfigureerd.
ISOBUS-jobcomputer configureren.
Stel de werkbreedte in de jobcomputer correct in, neem contact op met de fabrikant van de machine.
Er is geen opdracht gestart!
De werkmodus van ISOBUS-TC is op “Uitgebreid” geconfigureerd. Daarom verwacht TRACK-Leader een taak.
Er is geen taak gestart in de ISOBUS-TC.
Start de taak in ISOBUS-TC of zet de werkmodus in ISOBUS-TC op “Standaard”.
Er zijn geen geldige apparaatgegevens herkend!
In de ISOBUS-jobcomputer is de werkbreedte of de geometrie niet geconfigureerd.
ISOBUS-jobcomputer configureren.
RTK-signaal verloren!
Er is geen RTK-signaal beschikbaar omdat het signaal wordt geschaduwd.
De gps-ontvanger en het basisstation moeten vrij zicht op de hemel hebben.
Geen bereik voor mobiele telefoon.
 
U bent te ver weg van het basisstation (of een andere signaalbron).
 
Apparaatindeling niet ingesteld.
Verbinding tussen Tractor-ECU en ISOBUS-TC werd gedeactiveerd.
Activeer de verbinding van de Tractor-ECU met ISOBUS-TC in de toepassing Tractor-ECU.
De apparaatgegevens worden nog geladen.
Indien deze melding lang verschijnt, is de terminal aangesloten op een jobcomputer die niet antwoordt.
Mogelijk kunt u met deze jobcomputer geen gebruikmaken van SECTION-Control, aangezien de jobcomputer SECTION-Control niet ondersteunt. Een andere jobcomputer op de terminal aansluiten.
Geen jobcomputer aangesloten. Jobcomputer aansluiten of een machineprofiel in Virtual ECU kiezen.
TRACK-Leader heeft geen informatie over de aangesloten jobcomputer ontvangen of er is geen jobcomputer aangesloten.
 
Het werkgeheugen is zeer klein. Onderbreek uw werk en start de terminal opnieuw.
In het werkgeheugen zijn te veel werkgegevens (bijv. van bewerkte oppervlakten) opgeslagen.
Terminal opnieuw opstarten.